Verwondering

 

Vanuit een idee

bril.........

 

 

  1. Loop door school en vindt iets waar je je over kunt verwonderen, materieel of immaterieel. Beschrijf dit.
  2. Bedenk iets om jouw verwondering te kunnen delen. Maak die ‘bril’ waardoor mensen denken, hé, ja, wat apart, zo heb ik het nog nooit ervaren, beleefd, gezien. Hoe zou dat kunnen? Je kunt omschrijven waarom je je verwondert, maar om het gevoel van verwondering te delen moet je verder gaan. Je gaat jouw idee vertalen in een kunstproject.
  3. Je maakt jouw verwondering in iets anders zichtbaar, zintuiglijk. Hoe bedenk je zoiets?
  4. Ga iets anders doen, maar hou het in je achterhoofd of vergeet het een tijdje. Een creatief brein blijft ongemerkt werken. Op een gegeven moment komt er een idee op. Of misschien meerdere ideeën die je gaat afwegen.
  5. Nu komt er een essentiële keuze: ga je het idee beschrijven of uitvoeren? Beide mogelijkheden brengen een kunstidee tot leven. Moet de ander het zich voorstellen, dan heet het 'conceptuele kunst'. Dit was een tijdje populair, maar nu is weer bijna alle kunst concreet.
  6. Wat heb je nodig? Is er misschien een materiaal dat je goed kan gebruiken? Ga je uitbundig of ingetogen te werk? Waar moet het komen?
  7. Aan de slag en experimenteer tot je tevreden bent. Het moet haalbaar zijn om te maken, en het moet een plaats mogen krijgen, want niet alles mag.

Vanuit materiaal

Pure vormgeving zonder doel, het ambachtelijk bouwen aan iets, geeft enorme voldoening.

Tijdens het proces denken je handen en een bepaald gedeelte van je brein doet mee. Gaandeweg ga je er ‘iets’ in zien. Dan ga je bijsturen, en langzaamaan werk je naar een afronding. Je ervaart een soort langzame verwondering over je creatie. Het is iets eigens.

Daarna kan je het tonen. Op welke plek?

Is er een grens aan verwondering?

Als het goed lukt komt het in de kunstroute.